Waar moet je rekening mee houden bij verlofregelingen?

Er zijn op 1 januari 2015 een aantal wijzigingen ingegaan als het gaat om verlofregelingen rondom geboorte, adoptie, pleegzorg en de aanpassing arbeidsduur. Wat zijn nu precies de regels waar je je als werkgever aan moet houden en welke rechten heeft je werknemer?

In dit Yuki blog hebben we de wijzigingen voor je onder elkaar gezet.

1. Aanpassen arbeidsduur

Vanaf 1 januari 2015 mag je werknemer 1 keer per jaar een verzoek indienen om de arbeidsduur aan te passen. Denk hierbij zowel aan het aantal dagen als uren waarop gewerkt wordt. Tot 1 januari 2015 mocht dit eens in de twee jaar.

Bij onvoorziene omstandigheden mag je werknemer binnen 1 jaar opnieuw een verzoek doen. Het verzoek mag tevens tijdelijk van aard zijn.

2. Ouderschapsverlof

Ouderschapsverlof kan worden opgenomen voor kinderen tot 8 jaar. Voor elk kind kan apart verlof worden opgenomen. Bij een tweeling heeft je werknemer dus twee maal recht op verlof. De duur van het ouderschapsverlof bedraagt 26 keer het aantal uren dat je werknemer per week werkt. Dus iemand die 16 uur per week werkt heeft recht op 416 uur (16 x 26) ouderschapsverlof.

Je werknemer kan verzoeken om verlof op te nemen in elke gewenste vorm. Dus zowel de periode waarover het verlof wordt opgenomen als het patroon waarin het wordt opgenomen. Tot 1 januari kon dit alleen volgens bepaalde regels. Het verzoek voor het verlof moet wel minimaal 2 maanden van te voren worden ingediend.

Je werknemer hoeft ook niet meer minimaal een jaar in dienst te zijn om het verlof op te kunnen nemen. Direct na indiensttreding kan je werknemer verzoeken om (het resterende deel van) het verlof op te nemen.

Op verzoek van je werknemer ben je als werkgever verplicht een opgave te verstrekken van het resterende deel van het verlof.

3. Vaderverlof

Een vader heeft recht op 2 werkdagen betaald kraamverlof. Vanaf 1 januari hebben vaders daarnaast ook nog recht op 3 werkdagen onbetaald verlof. In totaal kan een partner dus een week verlof opnemen na de geboorte van het kind. Je mag dit extra verlof niet weigeren.

Overlijdt de moeder bij de geboorte van het kind, dan krijgt de vader van het kind het bevallingsverlof van de moeder.

4. Bevallingsverlof

Het bevallingsverlof is per 1 januari verlengd voor moeders van wie een baby na de bevalling of tijdens het bevallingsverlof in het ziekenhuis is opgenomen, bijvoorbeeld tijdens extreme vroeggeboorte. Zo hebben moeders van bijvoorbeeld couveusekinderen, nádat de baby uit het ziekenhuis komt, nog recht op 10 weken bevallingsverlof. Hierdoor heeft de moeder voldoende tijd om te herstellen en het kind zelf thuis te verzorgen. Overlijdt de moeder tijdens de geboorte, dan wordt ook hier het bevallingsverlof overgedragen aan haar partner.

Tevens is er nu de mogelijkheid om het bevallingsverlof vanaf de 6e week na de bevalling in deeltijd op te nemen over een periode van maximaal 30 weken.

5. Adoptieverlof of pleegzorgverlof

Vanaf 1 januari is het mogelijk adoptieverlof of pleegzorgverlof gespreid op te nemen. Voorheen moest de werknemer dit verlof in een aansluitende periode van 4 weken opnemen. Daarnaast is de termijn verruimd van 18 naar 26 weken rond de opname van het kind.

Marije Bosman
Binnen Yuki ben ik verantwoordelijk voor de salarisservices. Vanuit mijn kennis blog ik maandelijks namens Yuki over allerlei zaken m.b.t. salarisadministratie en HR gerelateerde zaken. Stel gerust je vraag!
Marije Bosman